|
|
|
|
Een tuin met
vaste planten is iedere dag anders.
Bomen en struiken vormen de basis, vaste
planten zorgen voor de aankleding. In
iedere stijl, smaak, geur en kleur die
u maar wilt. Goed toegepast vormen vaste
planten bovendien een gesloten bladerdek
in de tuin, waardoor onkruid weinig
kans krijgt, de grond langer vochtig
blijft en het bodemleven zich maximaal
gezond ontwikkelt. Ook worden steeds
meer groenblijvende soorten aangeboden,
zodat vaste planten zelfs ’s winters
kleur aan de tuin geven. De rest van
het jaar zijn veel vaste planten rijke
bloeiers. U kunt ze zo bij elkaar kiezen
dat u het hele jaar door van bloemen
kunt genieten. Vaak bloeien ze zelfs
zo rijk dat u er ook nog vazen vol mee
kunt vullen zonder dat de tuin er minder
mooi van wordt.
|
|
Planten die langer dan twee jaar
leven en die geen verhoutende stengels
vormen, maar sappige, kruidachtige stengels
die daardoor moeilijk vorst verdragen.
Planten als tijm, lavendel, bergthee
(Gaultheria) en Pachysandra zijn dus
geen vaste planten – hoewel ze er vaak
toe gerekend worden – want die hebben
verhoutende stengels en takken. Dat
zijn heestertjes. Wel worden ze meestal
bij de vaste planten gezet, omdat ze
net zo worden toegepast. De echte kruidachtige
vaste planten hebben allerlei slimme
systemen om door moeilijke periodes
heen te komen. Dat kan kou of droogte
zijn. Veel bolgewassen – in feite ook
vaste planten – trekken zich in de droge
zomer onder de grond in hun bol terug
om te overleven. Sempervivum (het bekende
huislook) houdt het zelfs zonder grond
op hete dakpannen uit doordat de plant
enorm goed vocht in zijn dikke blaadjes
kan vasthouden. Veel planten uit droogtegebieden
hebben grijs of blauw blad, soms sterk
behaard of met veel doorns of stekels
die schaduw geven. De meeste soorten
die wij in de tuin zetten, sterven in
het najaar bovengronds af, maar de wortels
overleven in de relatief warme grond
en daaruit verschijnen nu de nieuwe
scheuten die bladeren en bloemen vormen.
Soorten als Primula’s (sleutelbloemen),
Doronicum (voorjaarszonnebloem), Brunnera
en Bergenia (schoenlappersplant) kunnen
nu al volop bloeien. Ze worden gevolgd
door een eindeloze stroom bloeiers in
de rest van het jaar met een toptijd
tijdens de zomermaanden.
|
|
Als u
ze nu koopt en plant, zullen
ze zich meteen volop ontwikkelen.
Maak een plantgat in van
tevoren goed losgemaakte
en bemeste, lekker rulle
grond. Haal de kluit uit
de pot en plant hem even
diep als hij in de pot stond.
Druk de grond met beide
handen stevig rond de wortels
aan. Geef na het inplanten
royaal water.
|
|
Ga eerst
na op welke plekken u vaste
planten wilt toepassen.
Is het daar zonnig of heerst
er lichte of zelfs diepere
schaduw? Is de grond er
vochtig of droog? Wanneer
wilt u daar bloei zien en
in welke kleuren? Hoe hoog
mag de plant worden? Moet
hij een nette pol vormen
of mag het een uitbreidende
bodembedekkende soort zijn?
Al deze informatie vindt
u ook op de etiketten van
de vaste planten die uw
tuinvakman u aanbiedt –
dat kiest makkelijk. Vaste
planten staan deze week
zelfs extra in de schijnwerpers.
Een tip: let ook op bladvormen
en bladkleuren, die zijn
veel langer in beeld dan
de bloemen en moeten ook
mooi zijn.
|
|
|
|
|
|
 Vaste
planten zijn de 'kleren' van uw tuin
|
|
voor
het maken van een mooie border
Maak groepjes van minimaal drie planten per soort.
Bouw de border van laag (voorin) naar hoog (achterin)
op, maar haal een paar hogere planten wat
naar voren. Dat breekt het anders nog al strakke
geheel. Laat de groepjes in de breedte in elkaar
overlopen, dat geeft een mooi weefeffect. Zet geen
‘botsende’ kleuren naast elkaar. Maak het geheel
wat rustiger door er witte bloeiers tussen te zetten.
Mooie kleurcombinaties zijn blauw met wit en rood-oranje-geel.
Zorg dat er maandenlang iets bloeit. Het is even
uitkienen, maar dan wordt het mooi!
|
|
|
|
|
|