|
De Hibiscus of althaeastruik is
een van de beste, laat in de zomer bloeiende
tuinheesters. De planten bloeien bij
goed weer zelfs tot ver in september.
De naam Hibiscus komt van een Griekse
naam voor Malva, maar Linnaeus koos
deze naam voor dit geslacht. De bloemen
hebben inderdaad iets weg van die van
Malva. Ze zijn groot, enkel of gevuld
en er zijn inmiddels tientallen cultivars
met een enorme verscheidenheid aan kleuren,
van zuiver wit tot roze, rood, violet
en lilablauw. Sommige zijn gevlekt,
andere zijn eenkleurig. Als er vlekken
in de bloemen zitten, zitten die in
het hart rond de (vooral bij niet-gevulde
bloemen) sterk naar voren springende,
soms felgele stamper en meeldraden.
De bloemen worden gemakkelijk tot 10
cm in doorsnee en maken grote indruk.
|
|
Het geslacht Hibiscus bestaat uit
bijna 300 soorten eenjarigen, vaste
planten, heesters en zelfs bomen uit
de tropen en subtropen. De tuinhybriden
die uw tuinvakman deze week speciaal
onder de aandacht brengt, behoren allemaal
tot één heestersoort: Hibiscus syriacus.
De soort zelf heeft paarsviolette bloemen,
maar het gaat om de tientallen cultivars
in de meest fantastische bloemkleuren
die u absoluut moet zien om hun schoonheid
te kunnen beoordelen. Hier noemen we
bijvoorbeeld: ‘Admiral Dewey’, helderwit;
‘Ardens’, lilablauw met rode vlek; ‘Coelestis’
blauw; ‘Duc de Brabant’, dieprood; ‘Hamabo’,
lichtroze met rode vlek; ‘Helene’ met
enorme witte bloemen met rood hart;
‘Lady Stanley’, wit met roze; de bekende
‘Oiseau Bleu’, grote lichtblauw met
rode bloemen; ‘Red Heart’, wit met felrood;
‘Rubis’ roze; ‘Speciosus’, wit
met rood; ‘Woodbridge’, helderrood.
U ziet, keus genoeg.
|
Plant uw Hibiscus net zo diep als
hij in de pot stond. Meng flink veel
organisch materiaal door de grond in
het plantgat en zet hem in ieder geval
op een warme, dus zonnige en beschutte
plek. Eigenlijk staat de althaeastruik
het liefst in wat lemige grond, maar
hij doet het goed in iedere normale
tuingrond. De eerste twee jaar de plant
niet snoeien, maar goed laten uitgroeien.
Snoei vanaf het derde jaar de plant
ieder jaar in maart flink terug. Doe
dat door de loten die het jaar ervoor
ontstaan zijn bij de basis terug te
snoeien. Dit hoeft dus pas te gebeuren
als de plant zijn volwassen vorm bereikt
heeft. Hij is dan zeker 1 à 1,5 m hoog
of hoger. De bij aankoop al in vorm
gesnoeide planten moeten natuurlijk
vanaf het begin door goede snoei worden
bijgehouden. Zorg bij jonge planten
voor wat winterbescherming. Als ze eenmaal
goed zijn uitgegroeid is dat niet meer
nodig. Het zijn bladverliezende struiken
uit Zuidwest-Azië die hier en daar in
Zuidoost-Europa verwilderd voorkomen.
Echt zuidelijke planten dus. In ons
Noordwest-Europese klimaat blijken de
enkele bloemvormen iets beter uit te
bloeien dan de gevuldbloemige typen.
|